Sologoub, ( Sologub ) Leonid Romanovitch

De afbeelding van Sologoub is gemaakt door zijn vriend Alexandre Jacovleff (1887-1938)

“Zijn rotsen zijn hard, takken beweeglijk, zonlicht flonkerend, sneeuw koud”
(recensie Haagsche Courant 1940 )

Leonid Sologoub, 1884-1956. ( Russisch )

Leonid Sologoub ( ook wel Sologub of Sologaub ) wordt op 16 april 1884 geboren in het Russische plaatsje Yeysk, gelegen aan de Zee van Azow, 200 km ten noorden van de Kaukasus. Als jongste zoon van de familie mag hij studeren aan de Koninklijke Academie van Schone Kunsten te St.Petersburg. Bij zijn afstuderen in 1909 ontvangt hij het équivalent van de “Grand Prix de Rome”. Op kosten van de staat studeert hij in Italië en keert in 1910 terug in St.Petersburg om zich bij het Genootschap van Architecten/Artisten aan te sluiten. In Moskou en St.Petersburg neemt hij deel aan de draaikolk van kunstvernieuwing van dat moment. Zijn werk is te zien op tentoonstellingen van de Monde de L’Art waarvan hij in 1918 lid wordt. Als vriend van de kunstenaar Larianov –die in 1910 aan de academie afstudeert, en in 1913 zijn
manifest over abstracte kunst, het Rayonisme, uiteen zet, verdedigt Sologoub het idee van een samenvatting tot een geheel van verschillende beeldende kunstvormen. Hij heeft van zichzelf een duidelijk beeld hoe hij zijn theoriën kan verwezenlijken met zijn monumentale installaties. Vanaf 1911 gaven Russische kunstenaars theoretische verhandelingen en manifesten uit en discussieerden zij op bijeenkomsten, meestal voor het begin van een expositie, over de nieuwe kunst. In 1912 ontwikkelt Sologoub zijn verbond van schilders, architecten en beeldhouwers (l’Atelier des trois Arts ), officieel geregistreerd in het voorjaar van 1917. Met Larionov, waarvan beïnvloeding in het oeuvre van Sologoub is terug te vinden, zal hij zijn leven lang kontakt onderhouden.

Wanneer in 1914 de Eerste Wereldoorlog uitbreekt, meldt Sologoub zich als vrijwilliger voor het Russische leger overeenkomstig “de geest van Tolstoy en Garchine”, nadat hij al zijn bezittingen aan het leger geschonken heeft. Als “oorlogskunstenaar” maakt hij veel werk van het oorlogsfront dat hij v.n.l. stuurt aan de krant Niva te Moskou. Hiervoor wordt hij gedecoreerd met het kruis van St.Georges. Terug van het front organiseert hij in 1916 een tentoonstelling van tekeningen en schetsen aan de Koninklijke Academie van Schone Kunsten met als titel “ in nood ”. De catalogus van deze tentoonstelling is nog terug te vinden in het dossier van Sologoub bij de RKD in Den Haag. Wanneer in 1917 de Russische revolutie uitbreekt neemt hij deel aan een groot aantal tentoonstellingen en projecten waarvan er vele door de woelige omstandigheden zijn teruggetrokken of niet gerealiseerd. In het voorjaar van 1919 besluit hij Rusland te verlaten. Hij reist via Tomsk en Wladiwostok naar China en arriveert vervolgens in Tokyo waar hij een tentoonstelling organiseert. Eind 1919 reist hij door naar Constantinopel en arriveert tenslotte in Italie. In 1921 neemt hij deel aan een tentoonstelling van de groep “Monde de l’Art” in de Salon d’Automne te Parijs.

Hier verblijven vele Russische schilders die niet naar hun vaderland terug kunnen of willen. Ook zijn vriend Larionov, – die inmiddels met Natalja Gontcharova samenwoont-, verblijft dan in Parijs. Sologoub blijft niet in Parijs, maar reist door naar Nederland, waar hij in 1921 mag gaan wonen in het atelier van Philippe Zilcken die hij kort ervoor had ontmoet en met wie hij bevriend raakte. Het atelier van Zilcken is gelegen aan het Bezuidenhout 451 in Den Haag, naast de toenmalige ijsbaan en naast het Kleine Loo, vlak voor de ingang van Huis ten Bosch. Sologoub blijft er wonen tot hij in 1956 overlijdt. Van hier uit schildert en tekent hij honderden keren zijn Haagse omgeving.
“Buurman” Prins Hendrik kwam als een van de eersten in zijn atelier. Of die iets gekocht heeft is onbekend. Wel kocht Koningin Juliana een tiental werken voor haar huisarchief. Ook is bekend dat er werk van Sologoub in de collectie van Boris Jeltsin te vinden is.

Gedurende de 35 jaar dat hij in Nederland zal verblijven, organiseert hij talloze tentoonstellingen in dit atelier, bij de Haagse kunstenaarsverenigingen Pulchri, de Haagse Kunstkring en bij de kunsthandel. Hij wordt lid van de Haagse Kunstkring en ontmoet ongetwijfeld de belangrijkste collega-schilders van deze society vereniging: Mondriaan en Isaac Israels. Invloeden van deze twee zijn in later werk terug te vinden.
De kunstkriticus W.Jos de Gruyter schrijft in het Utrechts Dagblad: “iedere keer wanneer ik het atelier van Leonid Sologoub bezoek, heb ik het bijzondere gevoel dat ik echte kunst zie, er is iets dat mij opwindt, een gevoel dat ik bij andere kunstenaars niet heb”.

3 jaar na zijn aankomst in Nederland, in 1924, organiseert hij een grote expositie van in Parijs verblijvende Russische Avant Garde kunstenaars in Den Haag. Deelnemers zijn Mikhail Larionov, Natalja Gontcharova, Constantin Gorbatoff, Alexander Jakovleff, Michail Jakovlev,Adolf Milman, Prof.Leonid Pasternak, Vassili Masjutin, Eugene Chiriaef, Ivan Pokhitonov,Vassily Shoukhaiev en Leonid Sologoub.

Vervolgens maakt hij reizen naar Cannes, Capri, Pompeï, Rome, waar hij veel tekeningen vervaardigt.

Ook in 1928 tot 1930 exposeert Sologoub in Parijs in de Salon des Independants.

Vervolgens organiseert hij weer een exposition Peintres Russe in 1930 in Belgrado, daarna in Parijs in Galerie la Renaissance.

In Nederland zit hij niet stil. Hij schildert en tekent in de omgeving van zijn atelier ( later de Haagse wijk Mariahoeve ) en hij tekent vooral in crayon, aan de kust in Scheveningen en in Zeeland. (Zoutelande,Westkapelle).

In 1934 verbouwden Sologoub en Paul Loujetzky de voormalige muziekschool aan het Mauritsplein nr 21-22 in Den Haag tot een kunstgalerie. Loujetzky was net als enkele duizenden andere Russen, begin jaren twintig naar Nederland uitgeweken als gevolg van de eerste wereldoorlog en de daarop volgende Russische revolutie. Loujetzky organiseerde tussen 1935 en 1964 maandelijks wisselende tentoonstellingen van eigentijdse kunstenaars. Opvallend is het grote aantal tentoonstellingen met werk van kunstenaars uit Rusland en andere Oost-Europese landen. Werk van Sologoub was vrijwel permanent aanwezig op deze tentoonstellingen. Ook op andere gebieden liet Sologoub zich gelden. Zo gaf hij in 1937 bouwkundige adviezen bij de verbouwing van de Russisch-orthodoxe Maria Magdalenakapel in de Obrechtstraat. Hij was tenslotte ook architect.

In zijn werk staat de mens vaak centraal maar vindt Sologoub zichzelf vooral een landschapsschilder. (openingsrede Kunst van onzen tijd 1940)

Zijn dochter die in 1997 in Parijs overlijdt, bewaart 40 jaar lang de werken uit de nalatenschap van haar vader. Zij laat hiervan ruim 350 tekeningen en olieverven na aan de Russische staat, want ondanks zijn omzwervingen is het de wens van Leonid Sologoub voor altijd een Russisch kunstenaar te zijn.

Bronnen:

RKD Den Haag dossier L.Sologoub
www.bibliophilierusse.blogspirit.com
Brief Irene Sologoub aan Dr. A.S.E.Haverman, Burg.Den Haag 19.6.90
www.elseviersmaandschrift.nl jaargang 6 deel 12, 1896

Er zijn meerdere werken aanwezig in de collectie